Welkom, Gast. Alsjeblieft inloggen of registreren.
20-08-2018, 20:35:29
Startpagina Help Zoek Inloggen Registreren
Nieuws: Moppetrommel is vernieuwd http://www.allesoverscheveningen.nl/moppen

+  Vraag en antwoord & Wie wat waar
|-+  Recente berichten
Pagina's: [1] 2 3 4 5 ... 10

 1 
 Gepost op: Vandaag om 08:13:24 
Gestart door vreemdeling - Laatste bericht door vreemdeling
De Geschiedenis van de Scarborough Visserij  Bedrijfstak.


Gedurende honderden jaren pufte de Scarborough visserij  bedrijfstak  voort , op dezelfde tred.
De visserman betaalde tienden aan de monniken , voor de rechten van het vissen op zee.
Deze bedrijfstak nam nooit een grote omvang, omdat  de visserman nooit een groot aandeel in de markt had,. Er was geen mogelijkheid van transport van vis naar de grote steden.
En dat was speciaal het geval  met Scarborough, daar deze plaats was omgeven door heuvels en moerassen en met geen steden binnen een afstand van 50 mijl..
Iedere toename in productie zou waarschijnlijk een overvloed aan vis hebben betekend en met dit, een lager inkomen.. Zo'n uitbreiding was  echt niet mogelijk.
De bedrijfstak ging voort in haar eigen manier.
In 1830 verheugde Scarborough zich  over een bloei in haar visserij bedrijfstak.

De plaatselijke historicus, Thomas Hinderwelll,  was buitengewoon kritisch over de visserlui van Scarborough, waarvan hij beweerde  dat zij gebrek aan industrie en initiatief hadden,..
De lokale  historicus  maakte zijn mening bekend.
Het was merkbaar dat de boten uit Scarborough niet veel interesse hadden in de haring visserij.
Een historicus uit Flamborough had het aantal schepen bijgehouden , die deelnamen aan de haring visserij in Yarmouth.
In 1794 waren daar 15 schepen uit Straights, 5 uit Runswick, 8 uit Filey, 5 uit Robin Hood baai . 4 uit Flamborough en maar 3 schepen uit Scarborough.. Het was niet alleen de visserij , maar  het was belangrijk.!
Misschien had Scarborough een andere afleiding, zoals de koopvaardij en de scheepsbouw.
Het meest waarschijnlijke geval was,  dat de Scarborough vissersschepen in de lokale wateren bleven vissen met de overvloed aan vis.. Zij  hielden echter alleen de eerste klas vis,  zoals eerste klas tong,, griet en tarbot.
Zij keurden simpel andere vis af,  zoals schol, schar, leng en heek.
Zij vertrouwden op hun 5 mans boten. Zij gebruikten de beug visserij met zo'n 2500 geaasde haken.
Zij waren gewoon ingesteld op hun eigen manier en werkwijze.

De bloei van de Scarborough vishandel  kwam voor de  geboorte van de spoorwegen.
In 1830 en 1840  groeide Scarborough in grootte en ontwikkelde er een toeristen industrie..
De eerste trawlers van de Noord Oost kust rond Scarborough, waren niet de lokale visserlui. In plaats er van kwamen zij  van de Zuidelijke havens, zoals Brixham, of Lowestoft. Zowel Barking en Brixham claimde het eerste gebruik van de boom kor. De Zuidelijke trawlers  kwamen naar Scarborough en maakten er een centrum van de visserij industrie aan de Noord Oost kust.
Zij hadden baat bij de goede prijzen die er waren in het kust gebied van Scarborough tijdens het toeristen seizoen.
De bloei rond Scarborough duurde  tot 1830 en 1840..

Het hoogtepunt van de bloei van 1830 voor Scarborough kwam, toen de Silver Pit in 1835 werd ontdekt..
Deze locatie werd eigenlijk per ongeluk ontdekt, toen de vissersvloot uiteen werd gedreven tijdens een storm op de Doggersbank.
Eťn schip werd van de vloot afgescheiden en had door het slechte weer ook niet de kans gekregen zijn net scheep te halen.
De schipper  was dan ook blij verrast, toen zijn net barstensvol met prachtige tong zat.
Hij kwam weer terug naar deze plek met de hulp van een  navigator, die de koersen en tijden heeft uitgewerkt, welke de trawler tijdens de storm had afgelegd,.
En al spoedig was dit gebied bekend als de "Silver Pit "
Op het hoogte punt van deze bloei werd tong zo overvloedig aangevoerd, dat zij verkocht werd voor 5 shilling een karren vracht..
Deze bloei was echter maar een kort leven beschoren, daar de tong in 1838  verdween uit de"Silver Pit "

In 1845 kwam er een  nieuwe stimulatie voor de visserij van Scarborough , met de opening van de spoorlijn York naar Scarborough.. Op dat moment ging Scarborough samenwerken met de havens van Hull en Grimsby.
Het was het centrum van de bedrijfstak.. Nationaal was er een hoogtepunt in de trawl visserij, daar de Engelse vloot vermeerderde van 130 schepen in 1840 naar 800 schepen in 1860.
De Britse Spoorwegen brachten de verse vis naar het  Engelse industriŽle achterland..
De eerder afgedankte vis door de vissers van Scarborough, werd nu  goedkoop in de stad verkocht ..

Er was ook een opleving  in de kust visserij van Scarborough.
In 1870 had Scarborough 40 roei vissersboten,  in vergelijking met 6 stuks in 1820.
Verse krab kon nu over grotere afstanden per trein worden vervoerd. Wat overbleef kon altijd nog  verkocht worden  bij het haven hoofd..
Maar de kust visserij was reeds in gevaar.
In 1890 werd de kust trawl visserij verboden, Een rapport van de  Visserij Officier, HB Boothby, in 1909, schilderde een sfeerloos plaatje.. Veel roeiboten ( met zeil ) gebruikte illegaal trawl netten, 20 stuks in Bridlington, 7 in Scarborough en 11 in Hartlepool.. Zij wisten dat zij illegaal aan het vissen waren, maar zij namen wel het risico.. Anders konden zij zichzelf geen broodwinning permitteren.

Zelfs rond 1909 waren er waarschuwende tekens.. De toename van de visserij  was zelfs niet goed voor de visserman..
In 1909 werd er 1.522,191 CWT ( 77.327 ton )vis gevangen, tegen 1.381.592 CWT ( 70.185 ton) vis in 1908. Nu  veroorzaakte deze toename van de hoeveelheid vis, een prijs daling van alle vis in waarde..
In Hull was dit evenzo het geval met een toename van 64.439 CWT( 3273 ton ) in vergelijking met het voorgaande jaar met een algemene prijsdaling van de totale verkoop van £ 141.390..

Bij de trawl visserij  was de focus altijd gericht op de haring..
In 1875 verschenen er de eerste stoomtrawlers en zij konden in alle weersomstandigheden  conditioneren,..
De maten van de netten werden groter. Het gebruik van ijs voor koeling van de vis werd geÔntroduceerd..Een Koninklijke commissie werd in 1863 opgericht, om de vis voorraden te onderzoeken..Maar met  de afwezigheid van gegrond stemmingen, werden  statische informatie en goede wetenschap van alle Akten  van het Parlement, die de visserij  regelden, ingetrokken.

In 1891 bezocht de eerste Grimsby trawler IJsland,.
Rond 1880 was de trawler vloot van Scarborough , goed achterop geraakt bij de grote Humber havens Hull en Grimsby,
De Scarborough schepen waren dikwijls  ouderwetse schepen die door middel van schoepen werden voortbewogen..
Deze schepen werden langzamerhand vervangen en het laatste schip van dit type, de "Constance " werd tot zinken gebracht op de 22e Maart 1910.. De nieuwe  schroef stoom trawlers namen nu het werk over zoals de trawlers "Otter , "The Seal "en de "Dalhousie "

Scarborough had de capaciteit om te renoveren.
De Otter trawl scheen  in Scarborough te zijn ontdekt, met de trawler "Otter " van de firma Normandale.
Dit was een revolutionair nieuw net.

Wordt vervolgd.
.

 2 
 Gepost op: Gisteren om 23:39:08 
Gestart door GerardKnoester - Laatste bericht door jacobcramer
de Wirons op Scheveningen maar ook weer snel weg

 3 
 Gepost op: 15-08-2018, 21:23:17 
Gestart door zier - Laatste bericht door Jan de Reus
GY188 Boston Fury

Deze motortrawler is in 1956 onder bouwnr. 909 gebouwd bij de werf Cook, Welton en Gemmell te Beverley (Engeland) voor rekening van Boston Deep Sea Fisheries Co Ltd uit Grimsby De tewaterlating had plaats op 19 september 1956.

Inhoud: 577 bruto ton
Lengte: 160,5 ft (48,9 m)
Breedte: 30,4 ft (9,3 m)

De voortstuwing bestond uit een dieselmotor fabrikaat Mirrlees Bickerton & Day met een vermogen van 1050 pk. Hiermee kon een maximale vaart van 13 knopen worden gehaald.

Geschiedenis:
Op 14 augustus 1961 verkocht aan de rederij Abunda Steam Fishing Co Ltd uit Grimsby waarna het schip de naam Abunda kreeg
Op 22 december 1966 verkocht aan Newton Trawlers Ltd uit Grimsby en herdoopt in Volesus.
Op 1 januari 1975 verkocht aan North Cape Fishing Co Ltd uit Hull
Op 19 mei 1975 verkocht naar Gibraltar om ingezet te worden als bergingsvaartuig
1979 verkocht naar Panama (Maritime Sunshine SA)
1987 Overgegaan naar Chepo Shipping Co SA, Panama
1998 Geschrapt uit Lloyds Register

Jan

 4 
 Gepost op: 13-08-2018, 07:45:08 
Gestart door vreemdeling - Laatste bericht door vreemdeling
Loggers en Yawls in de visserij bedrijfstak in Filey

De volgende tabel, genomen van het Scarborough Register, toont  de drie mast loggers  in het jaar 1830 , die toebehoren aan eigenaars in Filey., net voor  de kleinere twee mast loggers er voor in de plaats kwamen..
De tabel is interessant. daar het toont hoe vreemd het eigenaar schap kon zijn en eigenschappen van veel familie namen, die allemaal dicht met  de visserij zijn betrokken, met de hedendaagse visserij in Filey..
Alle schepen werden in Scarborough gebouwd.

"Endeavour," gebouwd in 1792, Eigenaars Ann Willianson en Richard  Richardson, beiden uit Filey,
Schipper Richard Richardson.

"Zephir ", gebouwd in 1801. Eigenaar en schipper  Richard  Cammish..

"Isabelle ". gebouwd 1815, Eigenaars  William Dunn, Cornelius Railey en William Newton ( allen uit Filey ) en  Chris Grundont, ( jachtopziener  uit Hunmanby ). De schipper was Charles Dunning.

"Dunn ", gebouwd in 1815. Eigenaar  William Dunn en William Newton, beiden uit Filey. schipper  John Crawford

"Diligence "gebouwd in 1817. Eigenaar  John Cammish ( visserman uit Filey ), William Smith.
( scheepsbouwer uit Scarborough ) en  Herbert Stalker  ( Touwslager uit Scarborough ) Schipper was  Johm Cammish.

"Scarborough " gebouwd in 1818, Eigenaars  William Newton, een bakker uit Filey  en schipper was Robert Scales.

"Herring " gebouwd in 1820. Eigenaars Marmaduke Cammish, een visserman uit Filey, William Cammish, een visserman uit Filey, John Coulson , scheepseigenaar uit Scarborough, William Darley, een mijnheer uit Whitby  en William Peck , een boer uit Berverley. Schipper was Marmaduke Cammish.

"Providence ", gebouwd in 1822. Eigenaars waren  John Crumpton ( een visserman uit Filey, Jane  Dixon, een weduwe uit Filey en George Smith , koopvaardij kapitein uit Scarborough.    Schipper was John Crumpton.

Het Scheeps Register laat ook zien, dat er een nieuw type logger  verschijnt, na 1833.
De midden mast was  verdwenen, wat hoofdzakelijk werd gedaan om dat de mast obstructie gaf, bij het halen van de netten.. Deze twee mast loggers waren ongeveer 35 voet lang en ongeveer 20 ton aan gewicht.. Zij hadden maar een half dek..

De uiteindelijke  ontdekking in deze "open zee "vissers vaartuigen  was de yawl. Dit type schip  verscheen in 1840 en 1850. Zij waren eerst logger getuigd op de ouderwetse manier.
Deze mooie scheepjes werden vervangen door stoom aangedreven  schepen vanaf 1913.
De laatste yawl die gevist heeft was tot 1917..

Het is vrij duidelijk, dat  mensen, die hebben gevaren  op deze lang meegaande  schepen, nu nog maar weinigen in aantal zijn en ver te zoeken..
Wij waren echter  gelukkig genoeg., om er met twee er van te kunnen spreken n.l. Tommy Flynn uit Scarborough ( die toen ruim tachtig jaar oud was ) en George Cappleman ( die zich in Scarborough 1919  gevestigd had vanuit Filey en toen ruim negentig jaar oud was.
Hun herinneringen en informaties, gegeven door kapitein Sydney Smith, hielp ons een plaatje op te bouwen van de haring vangst techniek in de laatste jaren van de zeilvaart..

De haring werd in rechthoekige  netten ( tot 30 yards lang of 27, 4 meter )  en werden drijfnetten genoemd.. Een andere naam is "gill nets " ( kieuw netten ), afgeleid van de methode waarbij de vis gevangen werd.( verstrikt met de kieuwen ) .
Zestig netten werden uitgezet, aan elkaar verbonden, in een rechte lijn, vanaf de rechterzijde van het schip, als zij zich vooruit bewoog.. Iedere opvarende leverden zijn eigen netten.

Dat waren kostbare uitgaven., traditioneel gemaakt  in Bridport in Dorcet..
Ds. Charles Kendall  beschreef in 1870 dat de netten per stuk £ 1 en 18 shilling  tot £ 2 en 5 shilling kostten.. Daar iedere yawl zo'n 60 netten in gebruik had, . was deze kapitaal uitgave met betrekking tot de haring visserij,  aanzienlijk.
Om het risico van verlies van netten evenredig te beperken, werden de netten van iedere opvarende regelmatig verplaatst in de lengte van de vleet, ( a,b,c  a,b, c  etc.)
De reep werd in gehieuwd met  een hand kaapstaander.
.
Deze haring netten hadden een regelmatige behandeling nodig.. Zij werden gekookt in rood koperen ketels in een conserverings middel  genaamd cutch ( taan ) , genoemd naar de Golf in India , waar het spul werd aangekocht.
Zeilen, touwwerk en zelfs kielen werden er mee behandeld op dezelfde manier, wat een karakteristieke  bruine, taankleurige aanblik gaf.
George Capplement weet zich nog te herinneren dat de netten aan het einde van het haring seizoen werden gewassen, gedroogd en opgeslagen op de zolderkamers van de eigenaars ,na het haring seizoen..

De haringvisserij werd in de nacht uitgevoerd.
Het was een pelagische vis, wat onder de oppervlakte van het water zwom. Zelfs op een  donkere nacht, met geen maan, was hun perculaire gloed zichtbaar op 30 yards afstand.
Tijdens het zomer seizoen, konden de schepen uit Scarborough rond thee tijd vertrekken en kwamen dan vroeg in de morgen weer terug..
Er waren dan ook andere schepen vanuit Schotland, Yorkshire  en Oost Anglia, die gebruik maakte van de haven van Scarborough, tijdens  deze periode van het jaar..
Tommy Flynn weet zich nog wel te herinneren dat de haven zo vol met schepen lag, dat er geen schip meer bij kon..

Daar de scholen haring  zich zuidwaarts verplaatsten, volgden de yawls de scholen haring., vaak nu meerdere dagen op zee blijvend en liepen dan de dichts bijzijnde havens binnen, om hun vangsten te lossen.
In de periode van de yawl, konden de Filey schepen wel van huis weg blijven , vanaf Oktober tot aan Kerstmis..

Aan het einde van het haring seizoen, werden de schepen opgelegd in de haven van Scarborough of konden elders gaan vissen met de beug visserij, gedurende de winter..

De yawl hadden een roeiboot aan boord., wat bekend stond onder de naam corfe ( wat in het Yorkshire dialect werd uitgesproken als kalf..
Deze roeiboot werd te water gelaten vanaf de gangway, een opening van de verschansing, halverwege de lengte van het schip. Deze roeiboten waren voorzien van riemen en een mast met zeilen en hadden de manouvreerbaarheid om beug lijnen uit te zetten of om haring netten te verzorgen..

Werd de yawl voor de beugvisserij gebruikt, dan bleven de schipper en de scheepsjongen aan boord.,om  de beuglijnen van aas te voorzien, die nog uitgezet moesten worden..
De andere drie mannen namen de roeiboot mee om drie lijnen tegelijk binnen te halen ( met de gevangen vis ). zodat deze lijnen weer van aas voorzien konden worden, om te worden uitgezet..
Volgens George Cappleman, was het continu, zonder te stoppen..

Met zoveel werk wat aan boord verricht moest worden. was het voor de schipper en de jongen moeilijk om de zeilen te bedienen van de logger.. Door deze oorzaak  waren de yawl ,toen  "dandy getuigd " , vanaf 1870 en verder.
Dit tuig was gemakkelijker te bedienen, maar  het beperkte de snelheid van de yawl en wat ook  betekende, dat zij niet zo dicht bij de wind konden varen  als wanneer zij "logger getuigd " waren.

Normaliter werd de opbrengst van de vangst van de week verdeeld op Zaterdag, volgens een vast patroon..
Gewoonlijk ging er 50%  naar de eigenaars als een bijdrage in de investering van het schip en uitrusting, de rest was voor de bemanning. Hun deel vond pas plaats  nadat de kosten van het aas was verrekend. Extra manschappen kon men aannemen op drukke perioden in de zomer, op vast loon.
Dit systeem kon ongenoegen veroorzaken.

George Jenkinson, yawl eigenaar uit Filey werd ontboden op Bridlington burgerlijke zittingsperiode in Augustus 1878 door een William French, die Jenkinson had aangenomen voor een guinea ( gouden munt ter waarde van 21 shilling ) per week .
Betaald zijnde voor een week 's werk op de nacht van de eerste dag, was het schip zich aan het klaar maken voor het vertrek de volgende Maandag., toen Jenkinson verklaarde dat...... als zij niets zouden vangen, konden zij ook niets aan lonen uit betalen.

Hij werd veroordeeld door de Raad om een week loon te betalen en twee shilling als compensatie.
George Jenkinson moest ook 11 shilling kosten betalen ( Filey Post 10 Augustus 1878 ).
George Jenkinson stelde voor dat dit gedaan moest worden in geld uitgedrukt aan boord van de yawl "Thomas en Mary ".
Dit bleek redelijk, omdat dit was af te lijden, omdat het een voorbeeld was van een schip vernoemd naar de boot eigenaars.

Einde

 5 
 Gepost op: 12-08-2018, 12:28:57 
Gestart door Bert van der Toorn - Laatste bericht door Rinus.N
ik heb op de 84 gevaren en toen mochten we niet naar het kanaal daar ze niet ge certifiseerd was

 6 
 Gepost op: 11-08-2018, 15:50:23 
Gestart door zier - Laatste bericht door Jan de Reus
SCH106 Boeier

Deze hektrawler is in 1980 onder bouwnr. 195 gebouwd bij YVC IJsselwerf te Capelle a/d IJssel  voor rekening van rederij Jaczon uit Scheveningen. Het schip kwam 12 februari 1980 in de vaart.

Inhoud: 843 brt (na verlenging 1023 brt)
Afmetingen: 67,01/63,57 x 12,52 x 6,87 m. (na verlenging 77,01/73,87 x 12,52 x 6,87 m)
Motor: 8cil. MAK turbo dieselmotor met een vermogen van 2800 pk (6600KW). Later opgevoerd naar 3200 pk

Geschiedenis
1983 Verlengd en hermeten
1986 Overgaan naar Ibru Seafoods Ltd uit Nigeria en hernoemd in ODON

Jan

 7 
 Gepost op: 11-08-2018, 11:03:02 
Gestart door Bert van der Toorn - Laatste bericht door vreemdeling
Rinus,
Waar komt het sprookje van houten luiken vandaan ?
Reeds voor de oorlog 1940-1945, in 1937/ 1938, viste de SCH. 107 met de haring trawl in het Kanaal
Schipper was M. Taal

Ik heb de 107 nooit anders gekend als met houten luiken.

Trouwens, alle vleet loggers die toen ook in het Kanaal visten, hadden houten luiken.

Cor.

 8 
 Gepost op: 11-08-2018, 10:52:38 
Gestart door Bert van der Toorn - Laatste bericht door vreemdeling
Bert,
Een heel duidelijke verklaring
Cor.

 9 
 Gepost op: 11-08-2018, 10:48:17 
Gestart door Bert van der Toorn - Laatste bericht door Bert van der Toorn
Rinus met houten luiken mog je wel naar het kanaal,met weinig vermogen bleef je langer onder de engelse wal tot het op was,of het verboden was weet ik niet.
De 9 had een soort raam om zen schroef van een paar buizen ,dat was ter bescherming van de achterlijn bij het uitzetten en halen.
Normaal neemt een schip zij voor zij water aan dek maar de 9 nam het bij een bries met halen bijde zijden tegelijk water aan dek,dus niet slingeren maar gewoon zaken met die kont tot het gelijk de verschanzing stond en je lieslaarzen vol stonden.

Beste mensen,
Zier is 'warm'. Maar het had niets met de vislijn te maken. Het zat zo: de SCH-9 ging de jaren 50-60 ook met de vleet weg, maar hij had geen voorroer. Niet los en niet ingebouwd ! Hij schoot de vleet zogenoemd 'ruiend', net als een Engelse drifter of koppel vooruit stomend i.p.v. achteruit. De zeillogger deed dit feitelijk ook maar dan met windkracht vanzelf. Op de SCH-9 was daartoe iets om zijn schroef heen gebracht om  te voorkomen dat hij want in de schroef kreeg. Hoe zag die constructie er uit, wie zag het! En wie heeft dit 'ruien' meegemaakt met de SCH-9. En nogmaals, niet te verwarren met de latere straalbuis!

vr .gr. Bert van der Toorn
==


 10 
 Gepost op: 10-08-2018, 14:45:59 
Gestart door Bert van der Toorn - Laatste bericht door zier
Rinus met houten luiken mog je wel naar het kanaal,met weinig vermogen bleef je langer onder de engelse wal tot het op was,of het verboden was weet ik niet.
De 9 had een soort raam om zen schroef van een paar buizen ,dat was ter bescherming van de achterlijn bij het uitzetten en halen.
Normaal neemt een schip zij voor zij water aan dek maar de 9 nam het bij een bries met halen bijde zijden tegelijk water aan dek,dus niet slingeren maar gewoon zaken met die kont tot het gelijk de verschanzing stond en je lieslaarzen vol stonden.

Pagina's: [1] 2 3 4 5 ... 10


Login met gebruikersnaam, wachtwoord en sessielengte

Powered by MySQL Powered by PHP Powered by SMF 1.1.4 | SMF © 2006, Simple Machines LLC Valid XHTML 1.0! Valid CSS!